OKTOBER 2006

We zitten nog steeds op zee en verwachten ieder moment de eerste glimp van de Maldiven op te vangen. Na een tijdje turen zien we de contouren van iets wat op een eiland moet lijken. De laatste mijlen worden gewoon op zeil afgelegd en pas vlak voor Uligan starten we de motor. Het ziet er uit als paradijs. Het inklaren wordt door John gedaan (het land is namelijk Islamitisch, dus een mannenmaatschappij) en de eerste kennismaking loopt gesmeerd. De mensen zijn super vriendelijk en behulpzaam. Alles gaat alleen wat langzaam maar dat komt door de Ramadan, Moslims mogen deze vastentijd tussen zonsopgang en zonsondergang niets eten of zelfs drinken.
De rest van deze aankomstdag genieten we van het uitzicht en zwemmen een stukje rond de boot, geweldig na Panjim. De lucht is schoon, geen ongedierte, de meeste huiduitslag en ontstekende wondjes zijn hier binnen een mum van tijd verdwenen.

Tegen het eind van de middag gaan we opzoek naar Niyaz de man van Immigratie, hij heeft ons uitgenodigd. Hij geeft ons een rondleiding over het eiland, hier wonen op dit ogenblik tussen de 250 en 300 mensen. Het dorp is klein met enkele winkeltjes waar je niet al te veel kunt kopen, daar waren we al op voorbereid. Er staan twee moskees, een voor de mannen en de andere voor de vrouwen. Bron van inkomsten is voornamelijk de visserij, verder verbouwen ze voor eigen gebruik wat fruit en de rest wordt ingebracht. Er bestaan plannen ook hier een resort te bouwen wat eind 2007 klaar moet zijn, voor de bevolking zou dat betekenen meer werk en meer inkomen. Sinds een jaar hebben ze een doktor en verpleegster op het eiland, zij komen uit India en kunnen alleen de kleine medische aspecten behandelen, de rest moet in het ziekenhuis in de hoofdstad Male worden verholpen. Niyaz laat ons trots de bouw van een nieuwe grote dhoni, een vissersboot zien. Prachtig stuk houtarbeid.
Na zonsondergang gaan we op weg naar de familie van Niyaz waar we getrakteerd worden op lokaal eten en drinken. Heerlijk kleine hapjes met groente, eieren, vis en fruit. We genieten volop. Na het eten praten we nog even over koetjes en kalfjes en na iedereen uitgebreidt bedankt te hebben vertrekken we naar de JoHo. Tijd voor een goede nachtrust.

Vroeg in de morgen staan we op, we ontwaken met het uitzicht op een vissende groep dolfijnen die vlak langs de JoHo zwemmen, wat een verassing. later op de dag komt Le Crabe binnen. We zijn samen Hannes en Heike uit Panjim vertrokken, ook zij zijn overweldigd door al het moois hier op de Maldiven. Het klimaat is geweldig, er staat de hele dag een lekker windje en het zonnetje zorgt voor de juiste temperatuur, en dan hebben we het nog niet over het water gehad. Helder turkoois water met vissen, schilpadden en zelfs een pijlstaart rog die naast de boot ingegraven ligt. Er wordt volop gesnorkeld en gezwommen. In de avond worden we verrast door zoete exotische geuren die onze neuzen strelen. Op het dek genieten we van een volle maan met een drankje erbij, wat een leven.

We zijn compleet, vandaag zijn ook de Kekeni en Juwin gearriveerd. Alle vier uit Panjim en WIJ hebben de juiste keus gemaakt niet door de gaan naar Cochin waar straks sommige boten drie maanden moeten liggen. Laat ons maar lekker genieten van de paradijselijke omgeving zonder heibel en gezanik en we gaan leuk met elkaar om.
We hebben ook de waterput ontdekt waar we voor onze boten water uit kunnen tappen, het is goed drinkwater. Maar je moet er wel wat voor doen. Ten eerste naar het dorp lopen daarna ouderwets je flessen en tanks vullen om het vervolgens naar je dinghy te slepen. Als laatste hijs je de hele handel aanboord, en voila daar hebben we weer drinkwater.

Op zondag organiseerd Niyaz een tradionele BBQ. In de avond wordt op het strand een vuur aangemaakt. De mannen zijn druk bezig hout en palmblad bij elkaar te sprokkelen. Niyaz en zijn vrienden bereiden de visrijst en prepareren de vis. Alles wordt uit de natuur gehaald. Het blad waar de vis op ligt, de reuze prikkers van palmblad waar de vis op wordt gespiest. Voor de marinade wordt een van onze borden gebruikt. Ze smeren de vis in en vervolgens wordt deze spies op het zand gestoken, Niyaz pakt een oud blik die hij over de vis zet.Vervolgens wordt er een vuur aangestoken om de vis in het grote blik te braden. Je moet wel geduld hebben maar alles smaakt verrukkelijk, ook wordt er argwanend van onze etenswaren geproefd. We hadden allemaal rekening gehouden met de islamitische gewoonten en voorschriften, zo zijn allen gerechten zonder vlees. Moe maar voldaan sluiten we de dag af.

Iedere dag is het hier feest, en we genieten dan ook met volle teugen van al het natuurschoon. Regenbogen die regenmatig de hemel opsieren, de dieren in het water en zelfs de vliegende honden zijn imposant.
Ondertussen zijn we aan land geweest om onze papieren in orde te maken en afscheid te nemen van deze gastvrije mensen. Na een dikke week op anker zijn we onderweg naar het volgende avontuur. We hebben prachtige wind en onze eerste keus is een resort. Helaas zijn we daar niet welkom, op naar ons alternatief Nolhivaranfaru. Samen met Le Crabe gaan we via een zenuw-inloop naar de ankerplaats achter het rif. We liggen amper of de lokale bevolking gaat en masse het water in om polshoogte van deze vreemdelingen te nemen. We worden meteen uitgenodigd voor de volgende dag.

De dag begint goed met een duik in het water daarna koffie op JoHo met Hannes en Heike. Het uitzicht is incredible. Eind van de middag varen met de dinghy naar het eiland, nog geen half uur later barst de hemel open. We rennen met onze boodschappen naar de dinghy als het even wat minder wordt, Hannes en Heike blijven op het land op ons wachten. Ik schuil onder een van de vele cocospalmen terwijl john op en neer vaart. Het eiland is een groen eiland en we weten nu wel waarom, met zoveel regen en altijd zon. Onderweg zien we een vliegende hond in een van de bomen hangen.
Drijfnat komen we weer aan bij het winkeltje en de eigenaar nodigd ons uit voor een hapje en drankje. Koud cocossap en maldivische gerechtjes. Na deze smaakvolle traktatie wandelen we samen met Mohammed onze host door zijn dorp. De natte straten zijn van koraalzand en hier en daar staan flinke plassen. Bij Mohammed thuis komen de cocosnoten weer van stal, hij snijdt ze tot een punt waarna hij er een gatje in prikt, het koel sap is een genot, proost. Daarna lepelen we de cocosnoot leeg met een stukje bast. In de verte zien we weer een front naderen en we nemen afscheid en varen zo snel mogelijk terug naar JoHo, net op tijd. Dan breekt de hel los. Wat kan het hier spoken.
De dagen die volgen zijn onstabiel en we besluiten nog een paar dagen te blijven liggen. We snorkelen van rif naar zandplaat, later op de dag varen we met de dinghy naar een drop-off waar we tijdens het snorkelen zelfs een Manta langs zien zweven, majestueus.

Kekeni heeft afscheid van ons genomen, John is met bemanning naar Maleisie vertrokken. Juwin en Le Crabe zijn nog over van het stel. Met z'n drieen komen we op een eiland aan met een haventje waar we gratis kunnen liggen. Het hele dorp loopt uit en hier krijgen we ook een uitgebreide rondleiding. Officieel mag je niet aan land op een bewoond eiland, mits je door een eilander wordt uitgenodigd. Voordat we naar de Maldiven vertrokken hoorden we veel negatieve geluiden over deze eilanden. Maar tot nu toe is ons alles reuze meegevallen. Het vaargebied is in een woord magnifiek. Natuurlijk kan je niet overal ankeren maar goed, dat is overal ter wereld zo. Het zeilen is net als in de Med, veel wind of geen wind.

De haven hebben we verruild door een ankerplaats. Het snorkelen is hier prachtig, aangezien het zo warm is liggen we veel in het water. Van duiken is nog niets gekomen omdat een van onze duikflessen nog gevuld moet worden. Ik kom net het water uit als mijn moeder belt, ik vertel haar hoe prachtig mooi het onderwater is. Ik hoor het mezelf nog zeggen, twintig minuten later denk ik daar heeeeeel anders over. In het kort: ik snorkel richting Heike, zij ziet een rog op vijf meter diepte. Ik (de angsthaas) blijf als altijd op een afstandje. Ik roep naar John dat hij moet komen kijken en op het moment dat ik weer mijn kop onderwater steekt zie ik die rog bewegen. Nog niets is er aan de hand, ik zwem een stukje terug naar de boot en verleg koers. Dat doet de rog ook terwijl hij heftig met zijn staart zwaait. He, dat is niet goed denk ik, en begin in een gestaag tempo terug te zwemmen naar de boot. John is ondertussen ook in de buurt en denkt dat ik een grapje maak, maar opeens roep hij "zwem zo hard je kunt". Ik kan bijna niet meer, samen trappelen zoveel mogelijk met onze voeten om de rog af te schikken. De rog schikt niet maar ik wel als ik erg dicht bij mijn voeten het silhouet van de rog zie. Wat een kracht kan een mens nog in zich hebben. Doodop klim ik aanboord, ik vind het niet grappig. John begrijpt niet dat een rog zo agressief kan zijn, maar hij maakt geen grapjes hierover. Eind goed, al goed. De dagen erna blijft ik lekker dicht bij JoHo zwemmen en snorkelen wordt tijdelijk in de koelkast gezet..

Onze volgende ervaring zijn de korte maar hevige stormen, die uit het niets opkomen en weer verdwijnen. Zo gaat het vaak de laatste dagen. Door deze situatie zijn wij van koers veranderd en komen bij een resort uit. Ook geen straf, onze duikfles wordt gevuld. We genieten een keer van de resortluxe. Na wat aandringen is het driesterren resort toch gastvrij en mogen we de avond er doorbrengen als we maar op de boot slapen..... Geen probleem natuurlijk.
De ankerplaats voor het resort is niet best en de volgende morgen zoeken we onze Duitsers weer op die tien mijl verderop in een haven liggen. Het is windstil, op motor tuffen we over het gladde water waar regelmatig een teken van leven de kop opsteekt (dolfijnen, roggen veel visjes). We zijn net op tijd binnen als het weer onverwacht omslaat. De haven doet ons denken aan een Griekse haven waar veel swell binnenkomt. Even een break voordat we hier diesel tanken en bevoorraden. In de avond worden we door de coastguard verzocht de haven te verlaten, daar beginnen we in het donker niet aan. Ze komen tot twee keer toe, blijkt dat bewoner(s) hebben geklaagd. Jammer.

In etappes dalen we af naar Male, de hoofdstad van de Maldiven. John vangt dan eindelijk een vis, dat heeft een hele tijd op zich laten wachten. Van zeilen komt niet veel met deze draaiwinden dus motorzeilen we tot we eindelijk in Hulhule bij Male aankomen. Tijd om onze papieren te laten verlengen, ondanks de twee gezichten van de Maldiven hebben we besloten om toch voor de verlenging van drie maanden te gaan.