MEI 2002

 

We zijn er klaar voor.

Op 6 mei vertrekt de EMYR met maar liefst zes boten richting Bodrum de eerste stop. De JoHo vertrekt als eerste en komt als laatste aan (dit zal de hele EMYR zo blijven).

In Bodrum krijgen ons rallynummer, 649. De inschrijving is tegengevallen door de toestand in en rond Israel. Het is hier niet echt stabiel op dit ogenblik en het is nog maar de vraag of de rally Israel aan zal doen.

Ondertussen hebben we met de eerste EMYR-deelnemers kennis gemaakt: Ruth en Charly (Malaika II), Aubrey en Judy (Veldeda IV), Richard (Hula) Brian en Jacky (Songster).

s Avonds krijgen we een feest aangeboden van de marina Bodrum. Het wordt een latertje.

 

Er komen in Bodrum niet veel boten bij, een kleine groep vertrekt naar Marti marina, ook hier is een feest. Na een nacht zijn we weer op pad. Omdat de groep zo klein is maken we in de baai Sere een tussenstop voordat we verder richting Goek gaan. De Malaika organiseert een amerikaanse party. Wij maken nasi met satesaus. Op de Malaika vermaken wij ons kostelijk.

 

Vroeg in de ochtend sluipen we als dieven de baai uit. In Port Gocek liggen we vreselijk slecht, aan de buitenkant van de haven met een behoorlijke swell. Die nacht slapen we niet al te best. Er liggen de volgende dag nog wat klussen op ons te wachten die we aan het eind van de dag af hebben. Nu is er tijd voor een BBQ. We maken hier kennis met Mike en Kathleen die met een trimaran de rally meevaren (Three Sheets to the Wind).

Na de BBQ vertrekken wij naar Finike, later op die avond belanden we net als wat andere boten in een vissersnet. Wij hebben geluk, onze boot is een langkieler, hierdoor hebben wij geen problemen maar er zijn boten die het vissersnet in hun schroef hebben. De rest van de nacht gaat rustiger voorbij.

Vroeg in de ochtend maakt de JoHo met een paar andere boten waaronder Veleda en Hula een stop in de Kekova Roads (ankerplaats) waar we een lekkere verfrissende duik nemen.

 

In Finike worden we grandioos onthaald en s avonds is er de gebruikelijke borrel. Onze eerste excursie begint in Myra met St Nicolaas kerk. Bij ons ook bekend als Sinterklaas. St Nicolaas was in de 4e eeuw een bisschop in Myra. Hij besteden veel geld aan zijn naasten. In de middag bezoeken we Arykanola een oudheid op ongelofelijke hoogte. Heel indrukwekkend.

In Gokbuk, een klein turks dorpje maken we een tussenstop. De avond eindigt laat maar gezellig.

We zijn weer onderweg naar Kemer. Hier liggen we een paar dagen. Onze propeller moet worden aangepast, dat is nodig omdat de oude niet berekend is op de nieuwe motor.

 

De dagen in Kemer vliegen voorbij, disco, uiteten, Grand opening EMYR en excursie. De excursie voert ons naar Chimera, een berg uit de griekse mythologie: Bellerphon die het vuurspugende monster dood waardoor de berg eeuwig zal blijven branden. De Romeinen gebruikte de bergvuren als baken op zee. En later bezoeken we Phalesis.

 

De tijd begint te dringen, over twee uur is de Grand start en wij hebben onze nieuwe propeller nog steeds niet. Vlak voor vertrek zetten Mike en John eindelijk de uitgebalanceerde propeller er op, nu is het afwachten of alles goed werkt. Op weg naar Girne wordt de motor uitgetest, alles werkt. In Girne geeft de president van Noord Cyprus een receptie voor de EMYR, wij treden aan in avondkleding. Ook wordt hier een piratenfeest georganiseerd. Wij hebben niets van Noord Cyprus gezien omdat we de propeller en de motor moeten bijstellen en inspecteren.

 

Voordat we het weten liggen we alweer in een andere haven, Mersin. Vanuit Mersin bezoeken we Tarsus de geboorte plaats van de apostel Paulus. Ook vond er een ontmoeting tussen Cleopatra en Marc Anthony in Tarsus plaats. Hier werd de strategie voor het oosten besproken. Het mooie is dat er veel bewaard is gebleven. De intense kleuren van de caves from Heaven and Hell zijn prachtig. Kiz Kalesi is een byzantijnsfort waar het theater, kerkhof en een Romeinse weg nog intact zijn. De hele omgeving van Cilicia wordt gebruikt voor het verbouwen van katoen, een belangrijk exportproduct. Verder hebben we een receptie in het Hilton, avondkleding verplicht.

 

Naar Iskenderun wordt het half zeilen, half motoren. Onderweg worden we overvallen door flinke onweersbuien met nukkige golven. De aankomst in Iskenderun is rustig. Het blijkt een vrij moderne stad te zijn en dat zo dicht bij de grens van Syrie. De oliepijpline vanuit Irak komt hier uit.

Antioch is een van de excursies, de hoofdstad van het Seleucidenrijk van 300 v.Chr. In de Romeinse tijd was het de hoofdstad van de provincie Syrie. Het was de eerste christengemeente buiten Palestina. De St-Peter kerk waar men naar de apostelen kwamen luisteren, ligt in een grot.

Niet ver hiervandaan ligt de adembenemende Titus tunnel, gebouwd ver voor Christus om de stad Seleucia Pieria te voorzien van water. Hierachter vind je nog een oud kerkhof met rotsgraven en een kerk.

Bij terugkomst in Iskenderum is er een etentje en na afloop gaan we met een clubje dansen in een lokale disco. Het is een vol programma en het mooiste moet nog komen.

 

We zijn intussen in Syrie aangeland, om precies te zijn in Lattakia. De lokale instanties staan al op ons te wachten voor het inklaren, wij zijn (weer) de laatsten. We brengen alles in gereedheid voor de excursie van morgen, de boot moet goed vastliggen de katten krijgen voer en water voor twee dagen.

Vandaag stappen we vroeg in de bus op weg naar Crak des Chevaliers, het best bewaarde kruisvaarders kasteel van het Midden-oosten. Staat trouwens strategisch op een berg, erg impossant. De reis wordt vervolgd naar Damascus, de hoofdstad van Syrie.

Damascus is een van de oudste steden ter wereld. De soek (oude markt) met zijn vele winkels die onder andere het beroemde damast verkopen wordt bezocht. De sfeer is relaxed, mensen zijn vriendelijk. Bij de Umayyad Moskee onderga ik een metamorfose. Met een lange mantel en hoofddoek betreden we de moskee. Als je denkt dat je er alleen maar biddende mensen tegenkomt heb je het mis. Deze moskee fungeert ook als en soort buurthuis waar men elkaar opzoekt voor een praatje. Bij de uitgang van de moskee zit een vader met een stervend kind op schoot, biddend tot Allah. Dit tafereel maakt zoveel indruk dat er gewoon geen woorden voor zijn. Intens triest, mensen hebben hier vaak geen geld voor medische verzorging.

 

Bij het hotel leggen we onze spullen in de kamer en gaan meteen terug naar de bus die ons naar oud Damascus brengt waar ons een folklore avond staat te wachten. Het is een erg (te) druk programma. Laat in de avond zien we vanaf een berg Damascus by night. Zo komt er een eind aan een hele lange dag. Moe maar voldaan kuipen we ons bed in.

Wij ervaren Damascus als een prettige, schone stad.

 

De volgende dag rijden we door de woestijn naar Palmyra. Vroeger bekend onder de naam Tadmor (1100 v.Chr.). Deze stad werd na de verwoesting van Petra (Jordanie) het centrum van de karavaanhandel. Door de verovering door de Romeinen eindigde de bloeitijd van Palmyra.

Er staat nog veel overeind: de tempel van Baal, theater, triomfbogen. Dit is tevens de vindplaats van teksten in palmyreens. Onbeschrijfelijk mooi. De lunch wordt bij de bedouinen genuttigd. Laat die dag worden we door onze katten verwelkomd, nog nooit zijn ze zo blij geweest.

 

Alles wordt vastgezet voor de reis naar Jounieh. Het wordt een onrustige nacht met wind op kop. Grover stoot zijn kop aan een van de fietsen met als resultaat een flinke deuk. Storno is goed zeeziek. Leuk, katten aan boord.

Heel vroeg in de ochtend komen we in Libanon aan. Vandaag gaan we na weken groepsidee weer eens alleen oppad, een verademing.

Met onze huurauto vertrekken naar Tripoli, wat een vrij Amerikaanse stad blijkt te zijn. Van het noorden van Libanon terug naar het zuiden. In Sidon bekijken we het kasteel aan zee maar door de vijandige sfeer van lokale bevolking blijven we hier niet lang. We rijden op ons gemakje terug, een deel van het zuiden is kapot geschoten door de burgeroorlog. Ondanks het chaotische en gevaarlijke verkeer brengen we onze huurauto heel terug en dat is al heel wat in dit land.